Midden in het hart van de Griekse landstreek Elis, in een weelderig begroeide vallei, waar de rivieren Alpheüs (Nieuwgrieks Alfiós) en Kladeos (Nieuwgrieks Laléïko) bij elkaar komen, ligt het uitgestrekte opgravingsveld van Olympia (Grieks: Ολυμπία, Olympí'a of Ολύμπια, Olýmpia) waar het op warme dagen altijd naar hars ruikt.

Het oude heiligdom van Zeus, ter ere van wie om de vier jaar de Panhelleense Spelen werden gehouden, werd gevormd door een gewijd domein, de Altis (= Heilig Woud) genaamd. In de loop der tijden werden Altis en naaste omgeving volgebouwd met een zeer groot aantal tempels, altaren, standbeelden, schathuizen (Grieks thesauroi) voor de wijgeschenken der Griekse staten en voor de spelen bestemde bouwwerken, onder andere een stadion.

Een echte stad was Olympia niet, de enige vaste bewoners waren priesters en verder tempelpersoneel, zoals koks, hout- en metaalbewerkers, gidsen om bezoekers rond te leiden, enz. Bezoekers van de spelen, die in de zomer plaats vonden, bivakkeerden in de open lucht; voor officiële gasten was er een speciaal logement (het Leonidaion). De inkomsten van het heiligdom bestonden uit (soms zeer aanzienlijke) schenkingen van vereerders.

Archeologisch Olympia
Werelderfgoed cultuur